Hoe lang duurt een jeugdhockeywedstrijd? Speeltijden per speelvorm
Hoe lang een jeugdhockeywedstrijd duurt hangt af van de speelvorm: van korte partijtjes bij de jongste jeugd tot vier kwarten op een heel veld. Hieronder alle speelvormen op een rij.
Speeltijden per speelvorm
| Speelvorm | Leeftijd (indicatie) | Speeltijd | Spelers in het veld | Veld | Teamgrootte |
|---|---|---|---|---|---|
| 3-tal | O7–O8 | 2 × 15 min (O7) of 2 × 20 min (O8) | 3, zonder keeper | veldje van ± 25 × 23 m | tot 6 |
| 6-tal | O9 | 2 × 25 min | 6, incl. keeper | kwart veld (25 × 43 m) | tot 9 |
| 8-tal | O10 | 2 × 30 min | 8, incl. keeper | half veld (55 × 43 m) | tot 12 |
| 9-tal | O11 | 4 × 17,5 min | 9, incl. keeper | driekwart veld | tot 16 |
| Elftal | O12 en ouder | 4 × 17,5 min | 11, incl. keeper | heel veld | tot 16 |
De rust duurt bij alle jeugdvormen zo'n 5 minuten; bij vier kwarten zijn de kwartwissels kort en is de "grote" rust halverwege. Competitieafspraken kunnen per district en seizoen nét verschillen — het programma op hockey.nl van jouw team is leidend.
Wat betekent dit voor je wisselschema?
De wedstrijdduur bepaalt hoeveel er te verdelen valt. Twee voorbeelden:
- 6-tal, 9 spelers: 5 veldspelers × 50 minuten = 250 veldminuten ÷ 8 spelers ≈ 31 minuten per kind.
- Elftal, 15 spelers: 10 veldspelers × 70 minuten = 700 veldminuten ÷ 14 spelers = 50 minuten per kind.
Hoe je dat vervolgens eerlijk knipt in veldbeurten en bankzitten staat in wisselschema hockey maken en hoeveel wisselmomenten per wedstrijd?
Vier kwarten: gebruik ze
Vanaf het 9-tal wordt in kwarten gespeeld. Dat is voor de coach een cadeautje: drie natuurlijke wisselmomenten waarop je zonder spelonderbreking de hele bank kunt verversen, plus twee korte momenten om iets te herhalen wat je in de warming-up hebt afgesproken. Plan je grote wissels op de kwartgrenzen en houd de wissels binnen een kwart klein.